Inspectie van het Onderwijs banner
Technisch Rapport kwaliteit van het onderwijs. De Staat van het Onderwijs 2026.

Publicatiedatum

april 2026

Inleiding

Dit is het technisch rapport dat ten grondslag ligt aan de analyses op het gebied van de kwaliteit van het onderwijs in hoofdstuk 1 van de Staat van het Onderwijs 2026. Het bevat de verantwoording van de onderzoeksgegevens. In dit technisch rapport besteden we aandacht aan:

  • De resultaten van het toezicht op besturen, scholen en opleidingen
  • De berekende onderwijsresultaten van scholen en opleidingen
  • De uitstroom van (v)so-leerlingen ten opzichte van het niveau in hun ontwikkelingsperspectief
  • Resultaten van vragenlijsten onder schoolleiders met betrekking tot onderwijskwaliteit

Databronnen

In dit hoofdstuk worden de gebruikte databronnen beschreven.

DUO-ROD

Vanuit de dienst uitvoering onderwijs (DUO) krijgt de Inspectie van het Onderwijs inschrijvingsbestanden uit het register onderwijsdeelnemers (ROD), ook wel 1-cijferbestanden genoemd, met o.a. leerlingaantallen, achtergrondkenmerken, eindtoets- en examengegevens. De 1-cijferbestanden zijn gebaseerd op afspraken tussen ketenpartners als het ministerie van OCW, CBS, DUO, de Inspectie van het Onderwijs en koepelorganisaties, om zo op een eenduidige manier onderwijsgegevens te ontsluiten volgens van tevoren vastgestelde definities. Dit betreft de inschrijving op peildatum 1 oktober van het betreffende school- of studiejaar. Of de diplomering van leerlingen of studenten in het betreffende school- of studiejaar. Voor de analyses worden alleen de hoofdinschrijvingen of -diploma’s in de sector op bekostigde scholen of instellingen meegenomen.

Toezicht op besturen

Tijdens de onderzoeken bij besturen vinden meerdere activiteiten plaats. In elke sector geven inspecteurs oordelen op standaarden uit het waarderingskader, zoals kwaliteitszorg en kwaliteitscultuur. Standaarden omvatten deugdelijkheidseisen en eigen aspecten van kwaliteit. Of een standaard als voldoende of onvoldoende wordt beoordeeld, is alleen gebaseerd op de vraag of het bestuur voldoet aan de deugdelijkheidseisen.

Kwaliteits- en herstelonderzoeken op scholen en opleidingen

Sinds september 2023 voert de inspectie steekproefsgewijs kwaliteitsonderzoeken (sko’s) uit op scholen in het primair, voortgezet en (voortgezet) speciaal onderwijs en vanaf januari 2024 ook bij opleidingen in het mbo. We onderzoeken daarbij scholen op een aantal standaarden uit het onderzoekskader en de scholen en opleidingen krijgen een eindoordeel. De resultaten van de sko’s staan in de technische rapporten Steekproef kwaliteitsonderzoeken in het funderend onderwijs 2023-2024 en 2024-2025 (Inspectie van het Onderwijs, 2026a) en Steekproef kwaliteitsonderzoeken in het middelbaar beroeponderwijs 2024 en 2025 (Inspectie van het Onderwijs, 2026b).

Naast de sko’s voert de inspectie kwaliteitsonderzoeken uit naar aanleiding van risico’s, vanwege bijvoorbeeld signalen of de berekende onderwijsresultaten. Als uit dit onderzoek het oordeel onvoldoende of zeer zwak komt, volgt een herstelperiode.

Meer informatie en een overzicht van alle standaarden en de wijze van waardering, evenals informatie over oudere versies van het onderzoekskader, vindt u op: http://www.onderwijsinspectie.nl/onderwerpen/onderzoekskaders.

Berekende onderwijsresultaten

Berekende oordelen primair onderwijs

De berekende oordelen zijn gebaseerd op de individuele leerresultaten van een school met betrekking tot taal en rekenen. Er is sprake van onvoldoende berekende leerresultaten indien deze, gemeten over een periode van drie schooljaren, onder de minimum normering liggen die is vastgesteld.

Bij de beoordeling van leerresultaten kijkt de inspectie naar de behaalde referentieniveaus op de eind- of doorstroomtoets in de laatste drie schooljaren. Voor alle leerlingen die in de laatste drie schooljaren een eindtoets hebben gemaakt, beschikt de school over de behaalde referentieniveaus (1F of 1S/2F) voor lezen, taalverzorging en rekenen. De inspectie kijkt vervolgens welk percentage van de behaalde referentieniveaus in deze drie schooljaren op of boven 1F ligt en welk percentage op of boven 1S/2F ligt. Er worden dus twee percentages berekend, die zowel de referentieniveaus voor de drie vakgebieden als de drie schooljaren omvatten. De signaleringswaarde voor 1F is gelijk voor alle scholen. We hebben hierbij gekozen voor het ambitieniveau van 85% dat de commissie Meijerink bij de introductie van de referentieniveaus in 2008 heeft gesteld. De signaleringswaarden voor 1S/2F zijn afhankelijk van de schoolweging. Bij de introductie van de referentieniveaus stelde de commissie Meijerink de ambitie dat 65% van de leerlingen 1S/2F zou moeten kunnen halen.

De correctiewaarden zijn geïntroduceerd om een onzekerheidsmarge toe te passen bij het beoordelen van de leerresultaten. Dit is bedoeld om rekening te houden met de effecten van de coronacrisis en de normeringsverschillen van de eindtoetsen. Met ingang van schooljaar 2024-2025 zijn de correctiewaarden komen te vervallen en wordt enkel nog de signalerinsgwaarde gebruikt.

Meer informatie over de berekende oordelen vindt u op: https://www.onderwijsinspectie.nl/onderwerpen/onderwijsresultaten-primair-onderwijs/beoordeling-leerresultaten-po-2024-2025.

Onderwijsresultatenmodel vo

Om onderwijsresultaten in kaart te brengen van scholen in het voorgezet onderwijs, kijkt de inspectie naar vier indicatoren: ‘onderwijspositie in leerjaar 3 t.o.v. advies van basisschool’, ‘onderbouwsnelheid’, ‘bovenbouwsucces’ en ‘examenresultaten’. De eerste twee indicatoren zijn op vestigingsniveau: dat wil zeggen dat per vestiging wordt gekeken of de vestiging onder of boven de norm scoort. De resultaten op vestigingsniveau zijn vervolgens aan elke onderwijssoort van de bovenbouw toegekend. De indicatoren ‘bovenbouwsucces’ en ‘examenresultaten’ zijn op afdelingsniveau: per afdeling wordt gekeken of de afdeling onder of boven de norm scoort.

Een afdeling heeft een berekend oordeel ‘onvoldoende’ voor de onderwijsresultaten wanneer het driejaarsgemiddelde van twee of meer indicatoren onder de norm ligt. In 2020 vonden er geen centraal examens plaats. In 2021 en 2022 konden leerlingen gebruikmaken van de duimregeling. Scholen konden in het landelijke registratieprogramma niet aangeven of en voor welk vak leerlingen gebruik hebben gemaakt van deze duimregeling. Hierdoor zijn de examenresultaten in 2020, 2021 en 2022 niet meegenomen. Inmiddels worden de examenresultaten wel weer volledig meegenomen als indicator van onderwijsresultaten.

Als de onderwijsresultaten (on)voldoende zijn, is dat nog geen oordeel, maar een signaal om verder onderzoek te doen. Meer informatie vindt u op: https://www.onderwijsinspectie.nl/onderwerpen/toetsen-en-examen/onderwijsresultatenmodel-vo.

Onderwijsresultaten mbo

De Onderwijsresulaten mbo hebben betrekking op drie indicatoren en een daaruit volgend onderwijsresultaat van opleidingen (brin x beroepscode x niveau) mbo:

  • Jaarresultaat (JR): het percentage gediplomeerde studenten in een cursusjaar t.o.v. alle instellingsverlaters en gediplomeerde doorstromers (voldoende of onvoldoende)
  • Diplomaresultaat (DR): het percentage gediplomeerde instellingsverlaters in een cursusjaar t.o.v. alle instellingsverlaters (voldoende of onvoldoende)
  • Startersresultaat (SR): het aandeel van de nieuwe instromers in de instelling op niveau 2 of hoger dat een jaar later nog studeert bij de eigen instelling of is uitgestroomd met een diploma behaald in het eerste jaar op de instelling (voldoende of onvoldoende).

Voor het berekenen van indicatoren en oordelen dient aan een aantal voorwaarden te worden voldaan.

  • Het gaat om driejaarscijfers.
  • Er moeten voor JR, DR en SR tenminste 12 studenten in de noemer zitten.

Op basis van de uitkomsten van de JR, DR en SR wordt een oordeel (onderwijsresultaat) berekend (voldoende of onvoldoende). Voor een berekend oordeel zijn tenminste twee van de drie driejaarscijfers voor JR, DR en SR nodig die aan bovenstaande voorwaarden voldoen. Bij 3 driejaarscijfers kan altijd een berekend oordeel worden bepaald. Bij 2 driejaarscijfers moeten beide voldoende of beide onvoldoende zijn. In alle andere gevallen kan er geen berekend oordeel worden gegeven.

Vragenlijst(v)so scholen

Elk jaar vult elke (v)so school een vragenlijst in om de uitstroomgegevens van de school in kaart te brengen. Hierin wordt onder andere aangegeven welk deel van de leerlingen op, onder of boven het niveau in hun ontwikkelingsperspectief (OPP) uitstroomt. Ook geven scholen hierin aan welk deel van de leerlingen uit uitstroomprofiel dagbesteding naar verschillende vormen van dagbesteding (belevingsgerichte, activerende en arbeidsgerichte dagbesteding) uitstroomt.

Vragenlijsten ten behoeve van de Staat van het Onderwijs 2026

Voor de Staat van het Onderwijs 2026 zijn vragenlijsten uitgezet onder samenwerkingsverbanden, scholen in het funderend onderwijs (basisonderwijs (bo), voortgezet onderwijs (vo) en (voortgezet) speciaal onderwijs (v)so)) en studenten in het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) en hoger onderwijs (ho). Informatie over de steekproef, respons en opzet van dit vragenlijst onderzoek is te vinden in het technisch rapport behorende bij het hoofdstuk Passend Onderwijs van de Staat van het Onderwijs 2026 (Inspectie van het Onderwijs, 2026c).

Resultaten

Bestuursonderzoeken

Primair onderwijs

In 2024-2025 kregen 12 van de 18 onderzochte besturen in het po het eindoordeel Onvoldoende (Tabel 1). Vanwege het lage aantal bestuursonderzoeken in 2024-2025 moeten de percentages voor dat schooljaar echter met terughoudendheid geinterpreteerd worden.

Tabel 1: Bestuursonderzoeken in het po
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel bestuur 
   Goed  8,1    9,5  13    3,7    3,6 
   Voldoende  72,1  80    66,4  91    61,7  50    53,6  15 
   Onvoldoende  19,8  22    24,1  33    34,6  28    42,9  12 
   Totaal  111    137    81    28 
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Goed  2,7    4,4    3,7    3,2 
   Voldoende  88,3  98    85,4  117    82,7  67    67,7  21 
   Onvoldoende  9,0  10    10,2  14    13,6  11    29,0 
   Totaal  111    137    81    31 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Goed  18,0  20    19,7  27    11,1    6,5 
   Voldoende  67,6  75    62,8  86    65,4  53    67,7  21 
   Onvoldoende  14,4  16    17,5  24    23,5  19    25,8 
   Totaal  111    137    81    31 
 Visie, ambities en doelen 
   Goed  13,5  15    9,5  13    6,2    9,7 
   Voldoende  73,9  82    77,4  106    72,8  59    67,7  21 
   Onvoldoende  12,6  14    13,1  18    21,0  17    22,6 
   Totaal  111    137    81    31 

Voortgezet onderwijs

In 2024-2025 kregen 3 van de 8 onderzochte besturen in het vo het eindoordeel Onvoldoende (Tabel 2). Vanwege het zeer lage aantal bestuursonderzoeken, vooral in de afgelopen twee schooljaren, moeten de percentages met terughoudendheid geinterpreteerd worden.

Tabel 2: Bestuursonderzoeken in het vo
Per schooljaar
Bestuursoordelen vo, uitgesplitst naar schooljaar waarin het onderzoek heeft plaatsgevonden
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel bestuur 
   Goed      6.7 1  
   Voldoende  78.6 22   71.8 28   60.0 9   62.5 5
   Onvoldoende  21.4 6   28.2 11   33.3 5   37.5 3
   #Totaal  28   39   15   8
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Goed    2.6 1   6.7 1   12.5 1
   Voldoende  82.1 23   74.4 29   80.0 12   62.5 5
   Onvoldoende  17.9 5   23.1 9   13.3 2   25.0 2
   #Totaal  28   39   15   8
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Goed  3.6 1   7.7 3   13.3 2  
   Voldoende  82.1 23   71.8 28   73.3 11   87.5 7
   Onvoldoende  14.3 4   20.5 8   13.3 2   12.5 1
   #Totaal  28   39   15   8
 Visie, ambities en doelen 
   Goed  3.6 1   2.6 1   6.7 1  
   Voldoende  85.7 24   79.5 31   73.3 11   75.0 6
   Onvoldoende  10.7 3   17.9 7   20.0 3   25.0 2
   #Totaal  28   39   15   8

(Voortgezet) speciaal onderwijs

Tabel 3 geeft de resultaten weer van de bestuursonderzoeken in het (v)so. Vanwege het lage aantal onderzoeken moeten de percentages met terughoudendheid geinterpreteerd worden.

Tabel 3: Bestuursonderzoeken in (v)so
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel bestuur 
   Goed  18,8    6,7    28,6   
   Voldoende  50,0    73,3  11    57,1    100,0 
   Onvoldoende  31,3    20,0    14,3   
   Totaal  16    15     
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Goed  6,3    6,7    14,3   
   Voldoende  62,5  10    93,3  14    71,4    100,0 
   Onvoldoende  31,3      14,3   
   Totaal  16    15     
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Goed  18,8    13,3    28,6   
   Voldoende  68,8  11    66,7  10    71,4    100,0 
   Onvoldoende  12,5    20,0     
   Totaal  16    15     
 Visie, ambities en doelen 
   Goed  18,8    33,3    42,9   
   Voldoende  62,5  10    66,7  10    57,1    100,0 
   Onvoldoende  18,8       
   Totaal  16    15     

Middelbaar beroepsonderwijs

Tabel 4 geeft de resultaten weer van de bestuursonderzoeken in het mbo. In Tabel 5 zijn deze uitgesplitst voor bekostigde en niet-bekostigde instellingen. Vanwege het lage aantal onderzoeken moeten de percentages met terughoudendheid geinterpreteerd worden.

Tabel 4: Bestuursonderzoeken in het mbo
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel bestuur 
   Goed  8,0    12,1    10,5   
   Voldoende  80,0  20    63,6  21    73,7  14    81,8  18 
   Onvoldoende  12,0    24,2    15,8    18,2 
   Totaal  25    33    19    22 
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Goed      5,3    4,3 
   Voldoende  88,0  22    81,8  27    78,9  15    87,0  20 
   Onvoldoende  12,0    18,2    15,8    8,7 
   Totaal  25    33    19    23 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Goed  20,0    12,1    5,3   
   Voldoende  76,0  19    72,7  24    78,9  15    86,4  19 
   Onvoldoende  4,0    15,2    15,8    13,6 
   Totaal  25    33    19    22 
 Visie, ambities en doelen 
   Goed  12,0    15,2    15,8   
   Voldoende  76,0  19    72,7  24    73,7  14    91,3  21 
   Onvoldoende  12,0    12,1    10,5    8,7 
   Totaal  25    33    19    23 
Tabel 5: Bestuursonderzoeken in het mbo
Per schooljaar en voor bekostigd en niet-bekostigde (NBO) instellingen
 NBO-instelling     Regulier 
 21-22     22-23     23-24     24-25     21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n     %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel bestuur 
   Goed    20,0    14,3      16,7    5,6    8,3   
   Voldoende  76,9  10    66,7  10    42,9    90,0    83,3  10    61,1  11    91,7  11    75,0 
   Onvoldoende  23,1    13,3    42,9    10,0      33,3      25,0 
   Totaal  13    15      10    12    18    12    12 
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Goed      14,3            7,7 
   Voldoende  76,9  10    93,3  14    42,9    90,0    100,0  12    72,2  13    100,0  12    84,6  11 
   Onvoldoende  23,1    6,7    42,9    10,0      27,8      7,7 
   Totaal  13    15      10    12    18    12    13 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Goed    20,0        41,7    5,6    8,3   
   Voldoende  92,3  12    73,3  11    57,1    90,0    58,3    72,2  13    91,7  11    83,3  10 
   Onvoldoende  7,7    6,7    42,9    10,0      22,2      16,7 
   Totaal  13    15      10    12    18    12    12 
 Visie, ambities en doelen 
   Goed  7,7    26,7    14,3      16,7    5,6    16,7   
   Voldoende  69,2    66,7  10    57,1    100,0  10    83,3  10    77,8  14    83,3  10    84,6  11 
   Onvoldoende  23,1    6,7    28,6        16,7      15,4 
   Totaal  13    15      10    12    18    12    13 

Herstelonderzoeken besturen

Onderstaande tabellen geven de resultaten weer van de herstelonderzoeken bij besturen in het po, vo, (v)so en mbo.

Primair onderwijs

Tabel 6: Herstelbestuursonderzoeken in het po
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel bestuur 
   Goed  9,1       
   Voldoende  81,8    80,0  16    72,7  24    94,1  32 
   Onvoldoende  9,1    20,0    27,3    5,9 
   Totaal  11    20    33    34 
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Goed  11,1       
   Voldoende  77,8    84,2  16    80,6  25    94,7  36 
   Onvoldoende  11,1    15,8    19,4    5,3 
   Totaal    19    31    38 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Goed  12,5       
   Voldoende  75,0    80,0  16    75,8  25    92,3  36 
   Onvoldoende  12,5    20,0    24,2    7,7 
   Totaal    20    33    39 
 Visie, ambities en doelen 
   Goed    5,3      2,6 
   Voldoende  91,7  11    89,5  17    90,6  29    97,4  38 
   Onvoldoende  8,3    5,3    9,4   
   Totaal  12    19    32    39 

Voortgezet onderwijs

Tabel 7: Herstelbestuursonderzoeken in het vo
Per schooljaar
Alle herstelonderzoeken vo voor huidig waarderingskader, uitgesplitst naar schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel bestuur 
   Voldoende  71.4 5   66.7 4   66.7 8   84.6 11
   Onvoldoende  28.6 2   33.3 2   33.3 4   15.4 2
   #Totaal  7   6   12   13
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende  100.0 4   83.3 5   75.0 9   78.6 11
   Onvoldoende    16.7 1   25.0 3   21.4 3
   #Totaal  4   6   12   14
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Voldoende  66.7 4   66.7 4   91.7 11   92.9 13
   Onvoldoende  33.3 2   33.3 2   8.3 1   7.1 1
   #Totaal  6   6   12   14
 Visie, ambities en doelen 
   Voldoende  100.0 8   83.3 5   75.0 9   92.9 13
   Onvoldoende    16.7 1   25.0 3   7.1 1
   #Totaal  8   6   12   14

(Voortgezet) speciaal onderwijs

Tabel 8: Herstelbestuursonderzoeken in (v)so
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel bestuur 
   Goed  16,7       
   Voldoende  66,7    80,0    83,3    100,0 
   Onvoldoende  16,7    20,0    16,7   
   Totaal       
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende  100,0    80,0    75,0    100,0 
   Onvoldoende    20,0    25,0   
   Totaal       
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Goed  66,7       
   Voldoende  33,3    100,0    83,3    100,0 
   Onvoldoende      16,7   
   Totaal       
 Visie, ambities en doelen 
   Goed  20,0    25,0     
   Voldoende  60,0    50,0    75,0    100,0 
   Onvoldoende  20,0    25,0    25,0   
   Totaal       

Middelbaar beroepsonderwijs

Tabel 9: Herstelbestuursonderzoeken in het mbo
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel bestuur 
   Voldoende  83,3    75,0    75,0    77,8 
   Onvoldoende  16,7    25,0    25,0    22,2 
   Totaal       
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende  83,3    75,0    71,4    80,0 
   Onvoldoende  16,7    25,0    28,6    20,0 
   Totaal        10 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Voldoende  83,3    100,0    80,0    100,0 
   Onvoldoende  16,7      20,0   
   Totaal       
 Visie, ambities en doelen 
   Voldoende  100,0    75,0    83,3    100,0 
   Onvoldoende    25,0    16,7   
   Totaal       
Tabel 10: Herstelbestuursonderzoeken in het mbo
Per schooljaar en voor bekostigd en niet-bekostigde (NBO) instellingen
 NBO-instelling     Regulier 
 21/22     22/23     23/24     24/25     21/22     22/23     23/24     24/25 
 %   n     %   n     %   n     %   n     %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel bestuur 
   Voldoende  100,0    100,0    66,7    83,3    75,0    50,0    80,0    66,7 
   Onvoldoende      33,3    16,7    25,0    50,0    20,0    33,3 
   Totaal               
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende  100,0    100,0    50,0    85,7    75,0    50,0    80,0    66,7 
   Onvoldoende      50,0    14,3    25,0    50,0    20,0    33,3 
   Totaal               
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Voldoende  100,0    100,0    100,0    100,0    75,0    100,0    66,7    100,0 
   Onvoldoende          25,0      33,3   
   Totaal               
 Visie, ambities en doelen 
   Voldoende  100,0    100,0    100,0    100,0    100,0    50,0    75,0    100,0 
   Onvoldoende            50,0    25,0   
   Totaal               

Onderzoeken bij samenwerkingsverbanden

Bij veruit de meeste samenwerkingsverbanden heeft zowel in de periode 2016-2021 (onder kader 2017) als in de periode 2022-2025 (onder kader 2021) een bestuursonderzoek plaatsgevonden.

Tabel 11 geeft de resultaten weer (in aantallen) van de vierjaarlijkse onderzoeken bij samenwerkingsverbanden in de periode 2022-2025.

Tabel 11: Oordelen per standaard en eindoordelen bij vierjaarlijkse onderzoeken bij samenwerkingsverbanden in de periode 2022-2025
Po Vo
Onvoldoende Voldoende Goed Onvoldoende Voldoende Goed
RPO1: Dekkend netwerk van voorzieningen 5 51 10 11 50 5
RPO2: Regionale samenwerking 0 47 19 0 51 15
RPO3: Advisering en beoordeling toelaatbaarheid 0 55 11 1 59 6
BKA1: Visie, ambitie en doelen 4 56 6 10 50 6
BKA2: Uitvoering en kwaliteitscultuur 11 44 11 14 46 6
BKA3: Evaluatie, verantwoording en dialoog 9 55 2 16 50 0
Eindoordelen 17 45 4 23 42 1

Van de 40 onvoldoende samenwerkingsverbanden was er bij 16 sprake van tekortkomingen in het dekkend netwerk. Dit was vaker het geval in het vo (11 keer) dan in het po (5 keer) (Tabel 12).

Tabel 12: Oordelen per standaard bij de samenwerkingsverbanden die op de vierjaarlijkse onderzoeken in de periode 2022-2025 het eindoordeel Onvoldoende kregen
Po Vo
Onvoldoende Voldoende Goed Onvoldoende Voldoende Goed
RPO1: Dekkend netwerk van voorzieningen 5 12 0 11 12 0
RPO2: Regionale samenwerking 0 17 0 0 22 1
RPO3: Advisering en beoordeling toelaatbaarheid 1 16 0 1 22 0
BKA1: Visie, ambitie en doelen 4 13 0 10 13 0
BKA2: Uitvoering en kwaliteitscultuur 11 5 1 14 9 0
BKA3: Evaluatie, verantwoording en dialoog 9 8 0 16 7 0
Eindoordelen 17 0 0 23 0 0

Bij 132 samenwerkingsverbanden heeft zowel in de periode 2016-2021 (kader 2017) als in de periode 2022-2025 (kader 2021) een bestuursonderzoek plaatsgevonden. We bekeken hoeveel van deze samenwerkingsverbanden in geen van deze perioden, in één van de twee perioden, of in beide perioden voldeden aan de basiskwaliteit. Dit deden we door de uitkomst ‘op elke standaard ten minste het oordeel Voldoende’ voor de twee perioden tegen elkaar af te zetten (Tabel 13).

Er waren 58 samenwerkingsverbanden (44%) die in beide perioden voor elke standaard ten minste het oordeel Voldoende kregen. Van de 40 samenwerkingsverbanden die in de tweede periode een onvoldoende kregen voor ten minste 1 standaard, waren er 18 waarbij dit tijdens de eerste periode ook al het geval was.

Tabel 13: Het aantal samenwerkingsverbanden dat onder kader 2021 wel of niet op alle standaarden minstens een voldoende kreeg, uitgesplitst naar of dit onder kader 2017 het geval was - samenwerkingsverbanden po en vo samengenomen
Alle standaarden voldoende kader '21 Niet alle standaarden voldoende kader '21 Totaal
Alle standaarden voldoende kader '17 58 22 70
Niet alle standaarden voldoende kader '17 34 18 52
Totaal 82 40 132

Tabel 14 en Tabel 15 laten bovenstaande resultaten afzonderlijk zien voor de po en vo samenwerkingsverbanden. Er zijn meer samenwerkingsverbanden in het po (33 van de 66; 50%) dan in het vo (25 van de 66; 38%) die in beide periodes voor elke standaard minstens een voldoende kregen. Het aandeel samenwerkingsverbanden dat in beide periodes een onvoldoende kreeg voor ten minste 1 standaard is vergelijkbaar (12% in po en 15% in vo).

Tabel 14: Het aantal samenwerkingsverbanden dat onder kader 2021 wel of niet op alle standaarden minstens een voldoende kreeg, uitgesplitst naar of dit onder kader 2017 het geval was - samenwerkingsverbanden po
Alle standaarden voldoende kader '21 Niet alle standaarden voldoende kader '21 Totaal
Alle standaarden voldoende kader '17 33 9 42
Niet alle standaarden voldoende kader '17 16 8 24
Totaal 49 17 66
Tabel 15: Het aantal samenwerkingsverbanden dat onder kader 2021 wel of niet op alle standaarden minstens een voldoende kreeg, uitgesplitst naar of dit onder kader 2017 het geval was - samenwerkingsverbanden vo
Alle standaarden voldoende kader '21 Niet alle standaarden voldoende kader '21 Totaal
Alle standaarden voldoende kader '17 25 13 28
Niet alle standaarden voldoende kader '17 18 10 28
Totaal 43 13 66

Bij 77 van de 97 (79%) herstelonderzoeken onder kader 2021 waren alle standaarden minstens een voldoende, wat betekent dat aan de basiskwaliteit werd voldaan (Tabel 16).

Tabel 16: Aantal herstelonderzoeken onder kader 2021 waarbij alle standaarden minstens voldoende waren
Alle standaarden voldoende/goed Niet alle standaarden voldoende/goed Totaal
77 (79%) 20 (21%) 97

De samenwerkingsverbanden waar in de eerste periode een herstelonderzoek plaatsvond vanwege geconstateerde tekortkomingen kregen tijdens het herstelonderzoek allemaal een voldoende op de standaard onderwijsresultaten (OR1; deze standaard werd in kader 2021 vervangen door de standaarden RPO1, RPO2 en RPO3), zowel in het po als het vo. Tekortkomingen op het gebied van de kwaliteitszorg en de verantwoording werden niet altijd in één keer hersteld (Tabel 17).

Tabel 17: Oordelen per standaard op herstelonderzoeken onder kader 2017
Po (n = 16) Vo (n = 22)
Onvoldoende Voldoende Goed Onvoldoende Voldoende Goed
OR1: Onderwijsresultaten 0 6 0 0 4 0
KA1: Doelen, evaluatie en verbetering 3 11 0 4 10 0
KA2: Structuur en cultuur 2 3 0 0 8 0
KA3: Verantwoording en dialoog 0 4 0 0 4 0

In de tweede periode (kader 2021) slaagden niet alle samenwerkingsverbanden erin om alle vastgestelde tekortkomingen in het dekkend netwerk (standaard RPO1) te herstellen. Ook tekortkomingen op het gebied van kwaliteitszorg en verantwoording werden niet altijd in één keer hersteld (Tabel 18).

Tabel 18: Oordelen per standaard op herstelonderzoeken onder kader 2021
Po (n = 25) Vo (n = 34)
Onvoldoende Voldoende Goed Onvoldoende Voldoende Goed
RPO1: Dekkend netwerk van voorzieningen 2 15 0 1 17 2
RPO2: Regionale samenwerking 0 13 0 0 12 3
RPO3: Advisering en beoordeling toelaatbaarheid 0 13 0 0 14 1
BKA1: Visie, ambitie en doelen 1 20 0 2 23 1
BKA2: Uitvoering en kwaliteitscultuur 3 18 0 3 24 0
BKA3: Evaluatie, verantwoording en dialoog 1 12 0 2 18 0

Verspreid over de twee onderzoeksperioden zijn er 239 bestuurs- en herstelonderzoeken met een daaropvolgend onderzoek. Bij ruim drie kwart van de samenwerkingsverbanden waar in het voorlaatste onderzoek alle standaarden voldeden aan de basiskwaliteit was dit tijdens het eerstvolgende onderzoek nog steeds het geval (95 van de 125, 76%). 19 van de samenwerkingsverbanden waar in het voorlaatste onderzoek alle standaarden voldeden aan de basiskwaliteit (15,2%) verslechterden naar 2 of meer standaarden met oordeel Onvoldoende. Bij samenwerkingsverbanden met 1 onvoldoende standaard was dit ook het geval. De meeste samenwerkingsverbanden met 2 of meer onvoldoende standaarden voldeden tijdens het daaropvolgende onderzoek weer aan de basiskwaliteit (35 van 55, 63,6%) of bleven 1 onvoldoende houden (12 van de 55, 21,8%) (Tabel 19).

Tabel 19: Aantal onvoldoende standaarden tijdens bestuurs- of herstelonderzoeken, uitgesplitst naar aantal onvoldoende standaarden in het voorlaatste onderzoek
Opvolgend onderzoek: aantal onvoldoende standaarden
Voorlaatste onderzoek: aantal onvoldoende standaarden 0 1 2+ Totaal
0 95 (76%) 11 (NA%) 19 (NA%) 125
1 45 (76,3%) 5 (8,5%) 9 (15,2%) 59
2+ 35 (63,6%) 12 (21,8%) 8 (14,6%) 55

De categorieën zijn: 0, 1 en ≥2 onvoldoende standaarden.

We hebben ook bekeken of het aandeel van de samenwerkingsverbanden dat in de tweede periode voldeed aan de basiskwaliteit (op alle standaarden minstens een voldoende) verschilde tussen de samenwerkingsverbanden waar in de eerste periode wel of geen sprake was van geïntensiveerd toezicht vanwege geconstateerde tekortkomingen (die leidden tot een herstelonderzoek). Van de 39 samenwerkingsverbanden waar tijdens de eerste periode sprake was van geïntensiveerd toezicht kregen er in de tweede periode 28 (71,8%) voor alle standaarden minstens het oordeel voldoende, dus was de basiskwaliteit in orde. Onder de 93 samenwerkingsverbanden waar het toezicht niet eerder was geïntensiveerd was percentage 68,8% (Tabel 20).

Tabel 20: Aantal samenwerkingsverbanden dat in de tweede periode wel of niet aan de basiskwaliteit voldeed, uitgesplitst naar of ze in de eerste periode geïntensiveerd toezicht kregen - samenwerkingsverbanden po en vo samengenomen
Geïntensiveerd toezicht 1e periode Geen geïntensiveerd toezicht 1e periode Totaal
Basiskwaliteit voldoet bij bestuursonderzoek 2e periode 28 64 82
Basiskwaliteit voldoet niet bij bestuursonderzoek 2e periode 11 29 40
Totaal 39 93 132

Tabel 21 en Tabel 22 geven dezelfde resultaten weer als Tabel 20, afzonderlijk voor de po en vo samenwerkingsverbanden.

Tabel 21: Aantal samenwerkingsverbanden dat in de tweede periode wel of niet aan de basiskwaliteit voldeed, uitgesplitst naar of ze in de eerste periode geïntensiveerd toezicht kregen - samenwerkingsverbanden po
Geïntensiveerd toezicht 1e periode Geen geïntensiveerd toezicht 1e periode Totaal
Basiskwaliteit voldoet bij bestuursonderzoek 2e periode 11 38 49
Basiskwaliteit voldoet niet bij bestuursonderzoek 2e periode 5 12 17
Totaal 16 50 66
Tabel 22: Aantal samenwerkingsverbanden dat in de tweede periode wel of niet aan de basiskwaliteit voldeed, uitgesplitst naar of ze in de eerste periode geïntensiveerd toezicht kregen - samenwerkingsverbanden vo
Geïntensiveerd toezicht 1e periode Geen geïntensiveerd toezicht 1e periode Totaal
Basiskwaliteit voldoet bij bestuursonderzoek 2e periode 17 26 43
Basiskwaliteit voldoet niet bij bestuursonderzoek 2e periode 6 17 23
Totaal 23 43 66

Risico-onderzoeken scholen en opleidingen

Onderstaande tabellen geven de resultaten weer van de kwaliteitsonderzoeken naar aanleiding van risico’s bij scholen en opleidingen.

Primair onderwijs

Iets meer dan de helft van de risico-onderzoeken in het primair onderwijs kreeg een eindoordeel Onvoldoende, hoger dan in schooljaar 2023-2024 (Tabel 23). Het percentage scholen met eindoordeel Zeer Zwak bleef nagenoeg gelijk. Ten opzichte van 2023-2024 is het percentage onvoldoendes op de standaard Resultaten hoger in 2024-2025, namelijk 33,5% tegenover 42,6%. De overige standaarden zijn redelijk gelijk beoordeeld tussen 2023-2024 en 2024-2025.

Tabel 23: Risico-onderzoeken in het po
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel school 
   Voldoende  45,7  43    42,1  93    42,7  79    35,8  73 
   Onvoldoende  26,6  25    38,0  84    44,3  82    52,0  106 
   Zeer Zwak  27,7  26    19,9  44    13,0  24    12,3  25 
   Totaal  94    221    185    204 
 Basisvaardigheden 
   Onvoldoende        8,3 
   Geen Oordeel      100,0  24    91,7  22 
   Totaal      24    24 
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende  78,5  62    74,8  154    80,4  148    85,0  170 
   Onvoldoende  21,5  17    25,2  52    19,6  36    15,0  30 
   Totaal  79    206    184    200 
 Pedagogisch-didactisch handelen 
   Voldoende  64,9  61    75,1  166    79,6  144    84,8  173 
   Onvoldoende  35,1  33    24,9  55    20,4  37    15,2  31 
   Totaal  94    221    181    204 
 Resultaten 
   Voldoende    24,1  52    27,5  50    41,6  84 
   Onvoldoende    19,0  41    33,5  61    42,6  86 
   Totaal  29    216    182    202 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Voldoende  75,9  63    76,8  159    82,7  143    89,5  171 
   Onvoldoende  24,1  20    23,2  48    17,3  30    10,5  20 
   Totaal  83    207    173    191 
 Veiligheid 
   Voldoende  92,6  87    95,9  209    98,3  178    98,5  200 
   Onvoldoende  7,4    4,1    1,7    1,5 
   Totaal  94    218    181    203 
 Visie, ambities en doelen 
   Voldoende  72,9  62    73,0  154    79,3  146    79,3  157 
   Onvoldoende  27,1  23    27,0  57    20,7  38    20,7  41 
   Totaal  85    211    184    198 
 Zicht op ontwikkeling en begeleiding 
   Voldoende  61,3  57    62,7  138    76,5  140    73,7  151 
   Onvoldoende  38,7  36    37,3  82    23,5  43    26,3  54 
   Totaal  93    220    183    205 

Voortgezet onderwijs

Het percentage eindoordelen Voldoende in het vo is nagenoeg hetzelfde gebleven in het laatste schooljaar (Tabel 24). Echter, het percentage eindoordeel Zeer Zwak ligt hoger dan het voorgaande jaar, met 12,7% tegenover 5,0% in 2023-2024 en 2,9% in 2022-2023.

Tabel 24: Risico-onderzoeken in het vo
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel school 
   Voldoende  28,1    48,1  50    39,6  40    42,0  66 
   Onvoldoende  28,1    49,0  51    55,4  56    45,2  71 
   Zeer Zwak  43,8  14    2,9    5,0    12,7  20 
   Totaal  32    104    101    157 
 Basisvaardigheden 
   Voldoende      15,8    42,9 
   Geen Oordeel      84,2  16    57,1 
   Totaal      19   
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende  26,9    61,2  52    64,4  65    54,8  86 
   Onvoldoende  73,1  19    38,8  33    35,6  36    45,2  71 
   Totaal  26    85    101    157 
 Pedagogisch-didactisch handelen 
   Voldoende  55,6  15    72,1  62    57,8  59    63,2  98 
   Onvoldoende  44,4  12    27,9  24    42,2  43    36,8  57 
   Totaal  27    86    102    155 
 Resultaten 
   Voldoende    74,7  59    86,3  82    63,6  96 
   Onvoldoende    8,9    8,4    23,8  36 
   Totaal    79    95    151 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Voldoende  30,8    57,6  49    58,8  57    56,1  88 
   Onvoldoende  69,2  18    42,4  36    41,2  40    43,9  69 
   Totaal  26    85    97    157 
 Veiligheid 
   Voldoende  63,0  17    97,6  81    88,2  90    92,9  144 
   Onvoldoende  37,0  10    2,4    11,8  12    7,1  11 
   Totaal  27    83    102    155 
 Visie, ambities en doelen 
   Voldoende  50,0  13    67,1  57    72,3  73    82,3  130 
   Onvoldoende  50,0  13    32,9  28    27,7  28    17,7  28 
   Totaal  26    85    101    158 
 Zicht op ontwikkeling en begeleiding 
   Voldoende  55,6  15    88,4  76    66,0  66    77,6  121 
   Onvoldoende  44,4  12    11,6  10    34,0  34    22,4  35 
   Totaal  27    86    100    156 

(Voortgezet) speciaal onderwijs

In het (v)so waren de percentages Voldoende, Onvoldoende en Zeer Zwak in 2024-2025 vergelijkbaar met 2023-2024 (Tabel 25). Vanwege het lage aantal onderzoeken moeten de percentages echter met terughoudendheid geinterpreteerd worden.

Tabel 25: Risico-onderzoeken in (v)so
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel school 
   Voldoende  60,0    57,9  22    59,4  19    62,5  15 
   Onvoldoende  20,0    34,2  13    31,3  10    29,2 
   Zeer Zwak  20,0    7,9    9,4    8,3 
   Totaal  15    38    32    24 
 Basisvaardigheden 
   Geen Oordeel      100,0    100,0 
   Totaal       
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende  57,1    73,0  27    71,9  23    62,5  15 
   Onvoldoende  42,9    27,0  10    28,1    37,5 
   Totaal  14    37    32    24 
 Pedagogisch-didactisch handelen 
   Voldoende  85,7  12    86,1  31    73,3  22    87,5  21 
   Onvoldoende  14,3    13,9    26,7    12,5 
   Totaal  14    36    30    24 
 Resultaten 
   Voldoende    69,4  25    64,5  20    79,2  19 
   Onvoldoende    27,8  10    35,5  11    20,8 
   Totaal  10    36    31    24 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Voldoende  78,6  11    75,7  28    75,9  22    87,0  20 
   Onvoldoende  21,4    24,3    24,1    13,0 
   Totaal  14    37    29    23 
 Veiligheid 
   Voldoende  86,7  13    94,3  33    96,9  31    100,0  24 
   Onvoldoende  13,3    5,7    3,1   
   Totaal  15    35    32    24 
 Visie, ambities en doelen 
   Voldoende  73,3  11    86,5  32    84,4  27    91,7  22 
   Onvoldoende  26,7    13,5    15,6    8,3 
   Totaal  15    37    32    24 
 Zicht op ontwikkeling en begeleiding 
   Voldoende  73,3  11    80,6  29    86,7  26    70,8  17 
   Onvoldoende  26,7    19,4    13,3    29,2 
   Totaal  15    36    30    24 

Middelbaar beroepsonderwijs

In 2024-2025 was het percentage eindoordelen Voldoende in het mbo 82,8%, ten opzichte van 60,3% het schooljaar ervoor (Tabel 26). De standaard Evaluatie, verantwoording en dialoog was bij alle opleidingen waar dit beoordeeld is Voldoende, waar in 2023-2024 47,6% Onvoldoende was. Ook hier moeten de percentages, vanwege het lage aantal onderzoeken, met terughoudendheid geinterpreteerd worden.

Tabel 26: Risico-onderzoeken in het mbo
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel school 
   Voldoende  33,3    74,0  37    60,3  35    82,8  24 
   Onvoldoende  58,3    26,0  13    39,7  23    17,2 
   Zeer Zwak  8,3       
   Totaal  12    50    58    29 
 Aanbod 
   Voldoende  50,0    93,5  43    65,5  38    53,8  14 
   Onvoldoende  50,0    6,5    34,5  20    46,2  12 
   Totaal  10    46    58    26 
 Basisvaardigheden 
   Voldoende        14,3 
   Geen Oordeel      100,0  28    85,7  12 
   Totaal      28    14 
 Beroepspraktijkvorming 
   Voldoende  81,8    82,4  14    84,6  22    85,7 
   Onvoldoende  18,2    17,6    15,4    14,3 
   Totaal  11    17    26   
 Borging diplomering 
   Voldoende  50,0    27,8    73,7  14    85,7  24 
   Onvoldoende  50,0    72,2  13    26,3    14,3 
   Totaal    18    19    28 
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende    61,1  11    52,4  11    100,0  20 
   Onvoldoende  100,0    38,9    47,6  10   
   Totaal    18    21    20 
 Ontwikkeling en begeleiding 
   Voldoende  50,0    96,0  48    89,8  53    100,0  23 
   Onvoldoende  50,0    4,0    10,2   
   Totaal  10    50    59    23 
 Pedagogisch-didactisch handelen 
   Voldoende  50,0    100,0  49    96,6  57    95,7  22 
   Onvoldoende  50,0      3,4    4,3 
   Totaal  10    49    59    23 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Voldoende  100,0    31,6    85,0  17    100,0  20 
   Onvoldoende    68,4  13    15,0   
   Totaal    19    20    20 
 Veiligheid 
   Voldoende  100,0    100,0  50    100,0  57    100,0  22 
   Totaal    50    57    22 
 Visie, ambities en doelen 
   Voldoende    58,8  10    76,2  16    100,0  20 
   Onvoldoende  100,0    41,2    23,8   
   Totaal    17    21    20 

Herstelonderzoeken scholen en opleidingen

Onderstaande tabellen geven de resultaten weer van de herstelonderzoeken bij scholen en opleidingen.

Primair onderwijs

Bijna 60% van de scholen in het po werd in 2024-2025 bij een herstelonderzoek Voldoende bevonden, iets minder dan de 64,8% van het schooljaar ervoor (Tabel 27).

Tabel 27: Herstelonderzoeken in po
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel school 
   Voldoende  79,2  57    63,5  40    64,8  83    59,5  103 
   Onvoldoende  16,7  12    25,4  16    31,3  40    38,2  66 
   Zeer Zwak  4,2    11,1    3,9    2,3 
   Totaal  72    63    128    173 
 Basisvaardigheden 
   Voldoende      6,5    5,7 
   Geen Oordeel      93,5  29    94,3  33 
   Totaal      31    35 
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende  97,2  35    87,2  41    89,2  107    94,0  156 
   Onvoldoende  2,8    12,8    10,8  13    6,0  10 
   Totaal  36    47    120    166 
 Pedagogisch-didactisch handelen 
   Voldoende  92,9  65    85,5  53    89,0  113    96,3  180 
   Onvoldoende  7,1    14,5    11,0  14    3,7 
   Totaal  70    62    127    187 
 Resultaten 
   Voldoende    45,3  24    45,9  56    56,1  101 
   Onvoldoende    9,4    23,0  28    33,3  60 
   Totaal  10    53    122    180 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Voldoende  92,3  48    88,0  44    94,0  109    96,2  153 
   Onvoldoende  7,7    12,0    6,0    3,8 
   Totaal  52    50    116    159 
 Veiligheid 
   Voldoende  98,3  58    100,0  53    99,2  124    100,0  181 
   Onvoldoende  1,7      0,8   
   Totaal  59    53    125    181 
 Visie, ambities en doelen 
   Voldoende  98,5  65    87,5  49    92,7  115    96,0  167 
   Onvoldoende  1,5    12,5    7,3    4,0 
   Totaal  66    56    124    174 
 Zicht op ontwikkeling en begeleiding 
   Voldoende  82,4  56    70,0  42    86,6  110    92,4  171 
   Onvoldoende  17,6  12    30,0  18    13,4  17    7,6  14 
   Totaal  68    60    127    185 

Voortgezet onderwijs

Het percentage vo-scholen dat op herstelonderzoeken in schooljaar 2024-2025 het eindoordeel Voldoende kreeg was 60,0%, ten opzichte van 73,1% het schooljaar ervoor (Tabel 28). Onderwijsresultaten waren onvoldoende voor 23,7% van de afdelingen, ten opzichte van 3,0% in 2023-2024.

Tabel 28: Herstelonderzoeken in vo
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel school 
   Voldoende  71,7  38    55,8  24    73,1  57    60,0  75 
   Onvoldoende  11,3    32,6  14    23,1  18    35,2  44 
   Zeer Zwak  17,0    11,6    3,8    4,8 
   Totaal  53    43    78    125 
 Basisvaardigheden 
   Voldoende        5,9 
   Geen Oordeel      100,0    94,1  16 
   Totaal        17 
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende  70,4  19    81,5  22    79,7  59    74,6  94 
   Onvoldoende  29,6    18,5    20,3  15    25,4  32 
   Totaal  27    27    74    126 
 Pedagogisch-didactisch handelen 
   Voldoende  73,5  25    70,0  21    86,7  65    83,5  106 
   Onvoldoende  26,5    30,0    13,3  10    16,5  21 
   Totaal  34    30    75    127 
 Resultaten 
   Voldoende    48,0  12    77,3  51    74,6  85 
   Onvoldoende    4,0    3,0    23,7  27 
   Totaal    25    66    114 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Voldoende  61,1  22    83,3  25    81,2  56    77,9  95 
   Onvoldoende  38,9  14    16,7    18,8  13    22,1  27 
   Totaal  36    30    69    122 
 Veiligheid 
   Voldoende  100,0  35    100,0  28    94,2  65    99,2  124 
   Onvoldoende      5,8    0,8 
   Totaal  35    28    69    125 
 Visie, ambities en doelen 
   Voldoende  75,0  30    62,1  18    83,1  59    95,0  113 
   Onvoldoende  25,0  10    37,9  11    16,9  12    5,0 
   Totaal  40    29    71    119 
 Zicht op ontwikkeling en begeleiding 
   Voldoende  78,6  33    83,3  25    71,4  50    92,1  117 
   Onvoldoende  21,4    16,7    28,6  20    7,9  10 
   Totaal  42    30    70    127 

(Voortgezet) speciaal onderwijs

Bij de herstelonderzoeken in het so kreeg in schooljaar 2024-2025 66,7% van scholen het eindoordeel Voldoende, ten opzichte van 84,2% het schooljaar ervoor. Vanwege het lage aantal onderzoeken moeten de percentages met terughoudendheid geinterpreteerd worden (Tabel 29).

Tabel 29: Herstelonderzoeken in so
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel school 
   Voldoende  71,4    40,0    84,2  16    66,7  18 
   Onvoldoende  28,6    40,0    15,8    33,3 
   Zeer Zwak    20,0     
   Totaal      19    27 
 Basisvaardigheden 
   Geen Oordeel        100,0 
   Totaal       
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende  66,7    50,0    100,0  12    76,2  16 
   Onvoldoende  33,3    50,0      23,8 
   Totaal      12    21 
 Pedagogisch-didactisch handelen 
   Voldoende  80,0    60,0    86,7  13    73,7  14 
   Onvoldoende  20,0    40,0    13,3    26,3 
   Totaal      15    19 
 Resultaten 
   Voldoende  50,0    25,0    71,4  10    78,3  18 
   Onvoldoende    75,0    28,6    21,7 
   Totaal      14    23 
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Voldoende  100,0    75,0    100,0  16    93,3  14 
   Onvoldoende    25,0      6,7 
   Totaal      16    15 
 Veiligheid 
   Voldoende  100,0    100,0    100,0  14    100,0  14 
   Totaal      14    14 
 Visie, ambities en doelen 
   Voldoende  100,0    100,0    100,0  12    100,0  15 
   Totaal      12    15 
 Zicht op ontwikkeling en begeleiding 
   Voldoende  83,3    80,0    92,9  13    96,3  26 
   Onvoldoende  16,7    20,0    7,1    3,7 
   Totaal      14    27 

Middelbaar beroepsonderwijs

Het percentage opleidingen in 2024-2025 met eindoordeel Voldoende ligt hoger dan het schooljaar ervoor (Tabel 30). Vanwege het lage aantal onderzoeken moeten ook hier de percentages met terughoudendheid geinterpreteerd worden.

Tabel 30: Herstelonderzoeken in mbo
Per schooljaar
 21-22     22-23     23-24     24-25 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Eindoordeel school 
   Voldoende  45,3  24    72,5  29    74,3  26    84,2  16 
   Onvoldoende  54,7  29    27,5  11    25,7    15,8 
   Totaal  53    40    35    19 
 Aanbod 
   Voldoende  66,7      100,0  16    100,0  14 
   Onvoldoende  33,3       
   Totaal      16    14 
 Basisvaardigheden 
   Geen Oordeel      100,0   
   Totaal       
 Beroepspraktijkvorming 
   Voldoende  75,0    100,0    83,3    100,0 
   Onvoldoende  25,0      16,7   
   Totaal       
 Borging diplomering 
   Voldoende  100,0  10    87,5    83,3  10    87,5  14 
   Onvoldoende    12,5    16,7    12,5 
   Totaal  10      12    16 
 Evaluatie, verantwoording en dialoog 
   Voldoende  81,3  13    57,1    86,7  13    76,9  10 
   Onvoldoende  18,8    42,9    13,3    23,1 
   Totaal  16    14    15    13 
 Ontwikkeling en begeleiding 
   Voldoende  66,7    100,0    100,0    100,0 
   Onvoldoende  33,3       
   Totaal       
 Pedagogisch-didactisch handelen 
   Voldoende  100,0    100,0    100,0    100,0 
   Totaal       
 Uitvoering en kwaliteitscultuur 
   Voldoende  81,3  13    85,7  12    95,0  19    100,0 
   Onvoldoende  18,8    14,3    5,0   
   Totaal  16    14    20   
 Veiligheid 
   Voldoende  100,0    100,0    100,0    100,0 
   Totaal       
 Visie, ambities en doelen 
   Voldoende  81,3  13    57,1    95,2  20    87,5 
   Onvoldoende  18,8    42,9    4,8    12,5 
   Totaal  16    14    21   

Steekproef kwaliteitsonderzoeken

Informatie over de steekproef kwaliteitsonderzoeken (sko’s) in het funderend onderwijs rapporteren we in het technisch rapport Steekproef kwaliteitsonderzoeken in het funderend onderwijs 2023-2024 en 2024-2025 (Inspectie van het Onderwijs, 2026a). Hieronder rapporteren we een aanvullende analyse die is uitgevoerd op de sko-data.

Net als afgelopen jaar hebben we dit jaar, nu er meer steekproef kwaliteitsonderzoeken zijn uitgevoerd, weer gekeken naar de samenhang tussen oordelen op de standaarden die betrekking hebben op de kwaliteitszorg en het onderwijsproces van scholen. Ook nu de steekproef groter is zien we een samenhang tussen deze standaarden. Scholen die een onvoldoende krijgen op standaarden SKA1, SKA2 of SKA3 krijgen ook vaker een onvoldoende op standaarden OP2 en OP3, zowel in het po als vo. De tabellen hieronder geven de kruisingen van de 3 SKA standaarden met de 2 OP standaarden weer, apart voor de steekproefonderzoeken in het po en vo.

Tabel 31: PO: Relatie tussen SKA1 en OP2 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA1 onvoldoende     SKA1 voldoende     SKA1 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP2 onvoldoende  52,5  21    6,5  28   
 OP2 voldoende  47,5  19    90,4  387    70,3  26 
 OP2 goed    3,0  13    29,7  11 
Tabel 32: PO: Relatie tussen SKA1 en OP3 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA1 onvoldoende     SKA1 voldoende     SKA1 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP3 onvoldoende  40,0  16    3,7  16   
 OP3 voldoende  60,0  24    94,4  404    81,1  30 
 OP3 goed    1,9    18,9 
Tabel 33: PO: Relatie tussen SKA2 en OP2 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA2 onvoldoende     SKA2 voldoende     SKA2 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP2 onvoldoende  66,7  16    8,6  33   
 OP2 voldoende  33,3    89,8  344    81,4  79 
 OP2 goed    1,6    18,6  18 
Tabel 34: PO: Relatie tussen SKA2 en OP3 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA2 onvoldoende     SKA2 voldoende     SKA2 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP3 onvoldoende  54,2  13    5,0  19   
 OP3 voldoende  45,8  11    94,5  362    86,6  84 
 OP3 goed    0,5    13,4  13 
Tabel 35: PO: Relatie tussen SKA3 en OP2 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA3 onvoldoende     SKA3 voldoende     SKA3 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP2 onvoldoende  56,0  14    7,7  35   
 OP2 voldoende  44,0  11    88,5  401    73,1  19 
 OP2 goed    3,8  17    26,9 
Tabel 36: PO: Relatie tussen SKA3 en OP3 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA3 onvoldoende     SKA3 voldoende     SKA3 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP3 onvoldoende  28,0    5,5  25   
 OP3 voldoende  72,0  18    92,5  419    73,1  19 
 OP3 goed    2,0    26,9 
Tabel 37: VO: Relatie tussen SKA1 en OP2 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA1 onvoldoende     SKA1 voldoende     SKA1 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP2 onvoldoende  24,7  18    5,1  15   
 OP2 voldoende  75,3  55    92,2  273    100,0 
 OP2 goed    2,7   
Tabel 38: VO: Relatie tussen SKA1 en OP3 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA1 onvoldoende     SKA1 voldoende     SKA1 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP3 onvoldoende  31,5  23    12,5  37   
 OP3 voldoende  68,5  50    86,8  257    100,0 
 OP3 goed    0,7   
Tabel 39: VO: Relatie tussen SKA2 en OP2 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA2 onvoldoende     SKA2 voldoende     SKA2 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP2 onvoldoende  22,6  21    4,6  12   
 OP2 voldoende  77,4  72    94,3  248    70,6  12 
 OP2 goed    1,1    29,4 
Tabel 40: VO: Relatie tussen SKA2 en OP3 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA2 onvoldoende     SKA2 voldoende     SKA2 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP3 onvoldoende  52,7  49    4,2  11   
 OP3 voldoende  47,3  44    95,8  252    88,2  15 
 OP3 goed      11,8 
Tabel 41: VO: Relatie tussen SKA3 en OP2 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA3 onvoldoende     SKA3 voldoende     SKA3 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP2 onvoldoende  16,9  20    5,2  13   
 OP2 voldoende  83,1  98    91,5  227    100,0 
 OP2 goed    3,2   
Tabel 42: VO: Relatie tussen SKA3 en OP3 oordelen na steekproefonderzoek
 SKA3 onvoldoende     SKA3 voldoende     SKA3 goed 
 %   n     %   n     %   n 
 OP3 onvoldoende  31,4  37    9,3  23   
 OP3 voldoende  68,6  81    89,9  223    100,0 
 OP3 goed    0,8   

Berekende onderwijsresultaten

Primair onderwijs

Sinds de inspectie geen correctiewaarden meer hanteert bij de risicobepaling (vanaf 2024) laat 10 tot 12% van de basisscholen risico’s zien in de resultaten.

Tabel 43: Kwalificatie per kalenderjaar van de gemiddelde berekende resultaten in po berekend over drie schooljaren in percentages
Categorie 2023 2024 2025
Geen Risico 86,1 87,8 86,6
Risico 4,2 10,2 11,7
Te weinig gegevens 2,1 2,0 1,8
Niet te beoordelen 7,7 n.v.t. n.v.t.

Voortgezet onderwijs

Berekende onderwijsresultaten per onderwijssoort

Er is in 2024-2025 een aanzienlijke toename van het aantal afdelingen met een berekend oordeel onvoldoende op onderwijsresultaten. Vooral voor de havo is sprake van een sterke toename (Tabel 44 en Figuur 1). De indicator examencijfers wordt inmiddels wel weer meegenomen in de beoordeling van de onderwijsresultaten. Dit was in de voorgaande jaren niet het geval.

Tabel 44: Berekende onderwijsresultaten per schoolsoort
Gebaseerd op 3-jaars gemiddelde met kalenderjaar als meest recente jaar
 2017     2018     2019     2020     2021     2022     2023     2024     2025 
 %   n     %   n     %   n     %   n     %   n     %   n     %   n     %   n     %   n 
 Vmbo-b 
   Onvoldoende  3,7  16    2,1    1,9    2,9  12    2,3    2,0    2,4    1,9    8,8  36 
   Voldoende  96,3  417    97,9  420    98,1  419    97,1  405    97,7  377    98,0  388    97,6  371    98,1  369    91,2  374 
 Vmbo-k 
   Onvoldoende  4,8  22    4,3  19    3,3  15    2,9  13    0,7    0,5    0,7    0,5    7,3  32 
   Voldoende  95,2  434    95,7  428    96,7  434    97,1  429    99,3  416    99,5  423    99,3  410    99,5  412    92,7  406 
 Vmbo-gt 
   Onvoldoende  3,3  25    4,7  35    3,8  29    5,6  42    1,0    0,6    0,6    1,4  10    9,9  74 
   Voldoende  96,7  723    95,3  711    96,2  727    94,4  702    99,0  706    99,4  719    99,4  701    98,6  717    90,1  676 
 Havo 
   Onvoldoende  8,8  49    6,8  38    6,6  37    10,6  59    2,1  12    2,5  14    3,2  18    4,0  23    20,9  122 
   Voldoende  91,2  509    93,2  518    93,4  520    89,4  498    97,9  547    97,5  552    96,8  549    96,0  553    79,1  462 
 Vwo 
   Onvoldoende  6,2  33    2,5  13    3,6  19    3,4  18    1,9  10    1,5    1,4    1,9  10    7,3  39 
   Voldoende  93,8  502    97,5  515    96,4  513    96,6  513    98,1  512    98,5  513    98,6  511    98,1  508    92,7  493 
Figuur 1: Berekende onderwijsresultaten per schoolsoort
Gebaseerd op 3-jaars gemiddelde met kalenderjaar als meest recente jaar

Onderbouwsnelheid

Het aantal vestigingen dat boven de norm scoort op de indicator Onderbouwsnelheid is ietwat toegenomen, van rond de 90% in de afgelopen 3 schooljaren tot 86,2% in het afgelopen schooljaar (Tabel 45).

Tabel 45: Onderwijsresultaten indicator onderbouwsnelheid
Gebaseerd op 3-jaars gemiddelde met kalenderjaar als meest recente jaar
 2022     2023     2024     2025 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Boven de norm  90,5  1.051    91,2  1.036    90,9  1.049    86,2  990 
 Onder de norm  9,5  110    8,8  100    9,1  105    13,8  159 
 Totaal  1.161    1.136    1.154    1.149 

Bovenbouwsucces

Op de indicator Bovenbouwsucces is ook een afname te zien voor alle onderwijssoorten (Tabel 46). Bij havo-afdelingen scoort twee derde van de afdelingen onder de norm.

Tabel 46: Onderwijsresultaten indicator bovenbouwsucces
Gebaseerd op 3-jaars gemiddelde met kalenderjaar als meest recente jaar
 2022     2023     2024     2025 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Vmbo-b 
   Boven de norm  91,0  392    89,5  366    87,3  364    76,9  326 
   Onder de norm  9,0  39    10,5  43    12,7  53    23,1  98 
 Vmbo-k 
   Boven de norm  98,1  456    97,1  431    94,5  433    85,0  392 
   Onder de norm  1,9    2,9  13    5,5  25    15,0  69 
 Vmbo-gt 
   Boven de norm  95,9  727    94,4  689    91,1  697    78,3  600 
   Onder de norm  4,1  31    5,6  41    8,9  68    21,7  166 
 Havo 
   Boven de norm  83,1  491    77,2  455    65,1  394    33,6  205 
   Onder de norm  16,9  100    22,8  134    34,9  211    66,4  405 
 Vwo 
   Boven de norm  95,1  519    95,9  519    92,9  512    83,3  465 
   Onder de norm  4,9  27    4,1  22    7,1  39    16,7  93 

Onderwijspositie leerjaar 3

De indicator Onderwijspositie leerjaar 3 is redelijk stabiel gebleven over de afgelopen schooljaren (Tabel 47).

Tabel 47: Onderwijsresultaten indicator onderwijspositie
Gebaseerd op 3-jaars gemiddelde met kalenderjaar als meest recente jaar
 2022     2023     2024     2025 
 %   n     %   n     %   n     %   n 
 Boven de norm  95,4  1.036    95,2  1.027    96,3  1.037    96,1  1.039 
 Onder de norm  4,6  50    4,8  52    3,7  40    3,9  42 
 Totaal  1.086    1.079    1.077    1.081 

Examencijfers

De indicator Examencijfers wordt pas sinds het laatste schooljaar weer meegewogen bij de berekende oordelen van de onderwijsresultaten. Het aantal vmbo-b afdelingen dat onder de norm scoort op deze indicator ligt aanzienlijk hoger, met 13,7% ten opzichte van minder dan 2,0% gedurende de laatste beschikbare referentiejaren (Tabel 48).

Tabel 48: Onderwijsresultaten indicator examencijfers
Gebaseerd op 3-jaars gemiddelde met kalenderjaar als meest recente jaar
 2017     2018     2019     2020     2025 
 %   n     %   n     %   n     %   n     %   n 
 Vmbo-b 
   Boven de norm  99,4  459    99,6  459    100,0  454    98,2  434    86,3  365 
   Onder de norm  0,6    0,4      1,8    13,7  58 
 Vmbo-k 
   Boven de norm  92,4  451    93,5  449    92,8  441    87,5  412    88,7  410 
   Onder de norm  7,6  37    6,5  31    7,2  34    12,5  59    11,3  52 
 Vmbo-gt 
   Boven de norm  94,9  725    93,9  714    90,9  705    88,0  669    89,3  687 
   Onder de norm  5,1  39    6,1  46    9,1  71    12,0  91    10,7  82 
 Havo 
   Boven de norm  83,2  421    81,5  411    81,5  410    81,7  414    82,7  434 
   Onder de norm  16,8  85    18,5  93    18,5  93    18,3  93    17,3  91 
 Vwo 
   Boven de norm  91,8  468    93,5  476    92,0  472    95,1  489    91,5  476 
   Onder de norm  8,2  42    6,5  33    8,0  41    4,9  25    8,5  44 

Wegens corona is de indicator examencijfers in de kalenderjaren 2021 tot en met 2024 niet meegewogen. Om deze reden worden de drie kalenderjaren daarvoor als referentiejaren gegeven

Middelbaar beroepsonderwijs

In de tabellen zijn de berekende oordelen van mbo opleidingen van de onderwijsresultaten opgenomen, evenals van de onderliggende drie indicatoren.

Tabel 49: Oordelen onderwijsresultaten mbo 2021-2024
Resultaat Oordeel Niveau 2 -n Niveau 2 -% Niveau 3 -n Niveau 3 -% Niveau 4 -n Niveau 4 -%
Oordeel onvoldoende 364 44,4 396 40,4 521 41,1
voldoende 456 55,6 584 59,6 747 58,9
Oordeel_JR onvoldoende 387 46,2 430 41,1 552 42,1
voldoende 450 53,8 616 58,9 760 57,9
Oordeel_DR onvoldoende 385 47,0 405 40,7 516 40,2
voldoende 435 53,0 590 59,3 766 59,8
Oordeel_SR onvoldoende 334 41,2 376 44,7 482 40,4
voldoende 477 58,8 465 55,3 711 59,6
Tabel 50: Oordelen onderwijsresultaten mbo 2020-2023
Resultaat Oordeel Niveau 2 -n Niveau 2 -% Niveau 3 -n Niveau 3 -% Niveau 4 -n Niveau 4 -%
Oordeel onvoldoende 372 43,0 373 36,5 457 37,9
voldoende 493 57,0 649 63,5 750 62,1
Oordeel_JR onvoldoende 397 45,1 418 38,4 496 39,6
voldoende 484 54,9 671 61,6 755 60,4
Oordeel_DR onvoldoende 415 48,3 394 38,2 448 36,9
voldoende 444 51,7 637 61,8 767 63,1
Oordeel_SR onvoldoende 329 38,8 355 38,8 453 38,8
voldoende 519 61,2 560 61,2 716 61,2
Tabel 51: Oordelen onderwijsresultaten mbo 2019-2022
Resultaat Oordeel Niveau 2 -n Niveau 2 -% Niveau 3 -n Niveau 3 -% Niveau 4 -n Niveau 4 -%
Oordeel onvoldoende 353 41,1 383 36,3 435 31,9
voldoende 506 58,9 671 63,7 929 68,1
Oordeel_JR onvoldoende 367 42,1 391 35,0 459 32,9
voldoende 505 57,9 725 65,0 936 67,1
Oordeel_DR onvoldoende 398 46,8 423 39,8 429 31,4
voldoende 452 53,2 641 60,2 937 68,6
Oordeel_SR onvoldoende 282 33,1 358 38,4 431 32,6
voldoende 570 66,9 574 61,6 890 67,4

Uitstroom (v)so leerlingen ten opzichte van hun ontwikkelingsperspectief

(V)so-scholen zijn verplicht om voor alle leerlingen een ontwikkelingsperspectief (OPP) op te stellen. Dit bevat onder andere het beoogde uitstroomniveau van de leerling. De inspectie hanteert de norm dat minimaal 75% van de leerlingen uitstroomt op (of boven) het niveau in het ontwikkelingsperspectief. In 2024-2025 voldeed 99% van de so-scholen en 93% van de vso-scholen aan deze norm (Tabel 52 t/m Tabel 55).

Tabel 52 geeft de resultaten van de afgelopen 5 schooljaren weer voor alle so-scholen, en Tabel 53 voor de so-scholen met minstens 10 uitgestroomde leerlingen.

Tabel 52: Percentage van de so-scholen dat voldoet aan de norm dat minimaal 75% van de leerlingen uitstroomt op (of boven) het niveau in het OPP
 2020-2021   2021-2022   2022-2023   2023-2024   2024-2025 
 Percentage scholen op of boven de norm  94,4  93,9  93,0  96,9  98,7 
 Aantal scholen op of boven de norm  284  276  278  283  295 
 Totaal aantal scholen  301  294  299  292  299 
Tabel 53: Percentage van de so-scholen dat voldoet aan de norm dat minimaal 75% van de leerlingen uitstroomt op (of boven) het niveau in het OPP - alleen de scholen met minstens 10 uitgestroomde leerlingen
 2020-2021   2021-2022   2022-2023   2023-2024   2024-2025 
 Percentage scholen op of boven de norm  94,0  95,0  92,9  96,8  98,6 
 Aantal scholen op of boven de norm  202  207  197  210  213 
 Totaal aantal scholen  215  218  212  217  216 

Tabel 54 geeft de resultaten van de afgelopen 5 schooljaren weer voor alle vso-scholen, en Tabel 55 voor de vso-scholen met minstens 10 uitgestroomde leerlingen.

Tabel 54: Percentage van de vso-scholen dat voldoet aan de norm dat minimaal 75% van de leerlingen uitstroomt op (of boven) het niveau in het OPP
 2020-2021   2021-2022   2022-2023   2023-2024   2024-2025 
 Percentage scholen op of boven de norm  83,2  83,1  84,4  91,8  92,9 
 Aantal scholen op of boven de norm  253  246  260  281  286 
 Totaal aantal scholen  304  296  308  306  308 
Tabel 55: Percentage van de vso-scholen dat voldoet aan de norm dat minimaal 75% van de leerlingen uitstroomt op (of boven) het niveau in het OPP - alleen de scholen met minstens 10 uitgestroomde leerlingen
 2020-2021   2021-2022   2022-2023   2023-2024   2024-2025 
 Percentage scholen op of boven de norm  81,7  81,1  83,6  91,9  92,5 
 Aantal scholen op of boven de norm  205  198  209  204  209 
 Totaal aantal scholen  251  244  250  222  226 

Resultaten van de Vragenlijsten ten behoeve van de Staat van het Onderwijs 2026

Onderstaande tabellen (Tabel 56 t/m Tabel 59) geven de resultaten weer van de vragenlijsten uitgezet onder schoolleiders in het funderend onderwijs die betrekking hebben op de kwaliteit van het onderwijs.

Tabel 56: In hoeverre is het voor u duidelijk wat de inspectie minimaal verwacht op het gebied van differentiatie?
 n   % 
 Bo 
   Zeer onduidelijk  0,0 
   Enigszins onduidelijk  5,3 
   Neutraal  3,3 
   Enigszins duidelijk  82  54,3 
   Zeer duidelijk  56  37,1 
   Totaal  151  100,0 
 Vmbo 
   Zeer onduidelijk  0,8 
   Enigszins onduidelijk  6,0 
   Neutraal  12  9,0 
   Enigszins duidelijk  84  63,2 
   Zeer duidelijk  28  21,1 
   Totaal  133  100,0 
 Havo/vwo 
   Zeer onduidelijk  3,1 
   Enigszins onduidelijk  16  16,3 
   Neutraal  17  17,3 
   Enigszins duidelijk  43  43,9 
   Zeer duidelijk  19  19,4 
   Totaal  98  100,0 
 So 
   Zeer onduidelijk  1,1 
   Enigszins onduidelijk  7,5 
   Neutraal  10  10,8 
   Enigszins duidelijk  43  46,2 
   Zeer duidelijk  32  34,4 
   Totaal  93  100,0 
 Vso 
   Zeer onduidelijk  0,0 
   Enigszins onduidelijk  2,5 
   Neutraal  10,0 
   Enigszins duidelijk  48  60,0 
   Zeer duidelijk  22  27,5 
   Totaal  80  100,0 
Tabel 57: In hoeverre is het voor u duidelijk wat de inspectie van leraren verwacht op het gebied van differentiatie?
 n   % 
 Bo 
   Zeer onduidelijk  0,0 
   Enigszins onduidelijk  2,6 
   Neutraal  3,3 
   Enigszins duidelijk  91  60,3 
   Zeer duidelijk  51  33,8 
   Totaal  151  100,0 
 Vmbo 
   Zeer onduidelijk  0,0 
   Enigszins onduidelijk  13  9,8 
   Neutraal  6,8 
   Enigszins duidelijk  86  64,7 
   Zeer duidelijk  25  18,8 
   Totaal  133  100,0 
 Havo/vwo 
   Zeer onduidelijk  1,0 
   Enigszins onduidelijk  13  13,3 
   Neutraal  13  13,3 
   Enigszins duidelijk  54  55,1 
   Zeer duidelijk  17  17,3 
   Totaal  98  100,0 
 So 
   Zeer onduidelijk  0,0 
   Enigszins onduidelijk  6,5 
   Neutraal  6,5 
   Enigszins duidelijk  49  52,7 
   Zeer duidelijk  32  34,4 
   Totaal  93  100,0 
 Vso 
   Zeer onduidelijk  0,0 
   Enigszins onduidelijk  2,5 
   Neutraal  2,5 
   Enigszins duidelijk  54  67,5 
   Zeer duidelijk  22  27,5 
   Totaal  80  100,0 
Tabel 58: In hoeverre is het voor u duidelijk wat de inspectie van scholen verwacht op het gebied van kwaliteitszorg?
 n   % 
 Bo 
   Zeer onduidelijk  0,0 
   Enigszins onduidelijk  1,3 
   Neutraal  2,6 
   Enigszins duidelijk  70  46,4 
   Zeer duidelijk  75  49,7 
   Totaal  151  100,0 
 Vmbo 
   Zeer onduidelijk  3,0 
   Enigszins onduidelijk  1,5 
   Neutraal  2,3 
   Enigszins duidelijk  58  43,6 
   Zeer duidelijk  66  49,6 
   Totaal  133  100,0 
 Havo/vwo 
   Zeer onduidelijk  1,0 
   Enigszins onduidelijk  2,0 
   Neutraal  7,1 
   Enigszins duidelijk  54  55,1 
   Zeer duidelijk  34  34,7 
   Totaal  98  100,0 
 So 
   Zeer onduidelijk  0,0 
   Enigszins onduidelijk  2,2 
   Neutraal  0,0 
   Enigszins duidelijk  44  47,3 
   Zeer duidelijk  47  50,5 
   Totaal  93  100,0 
 Vso 
   Zeer onduidelijk  0,0 
   Enigszins onduidelijk  0,0 
   Neutraal  2,5 
   Enigszins duidelijk  35  43,8 
   Zeer duidelijk  43  53,8 
   Totaal  80  100,0 

Onderstaande vraag is alleen gesteld aan de schoolleiders die aangaven het enigszins of zeer onduidelijk te vinden wat de inspectie van scholen verwacht op het gebied van kwaliteitszorg. vanwege het lage aantal schoolleiders waarvoor dit opging moeten de percentages met terughoudendheid geinterpreteerd worden.

Tabel 59: Welke factoren dragen het meest bij aan de onduidelijkheid omtrent de verwachtingen die de inspectie van scholen heeft op het gebied van kwaliteitszorg?
 n   % 
 Bo 
   Oordeelsvorming: uit de SKA-standaarden blijkt niet wat de inspectie minimaal verwacht van scholen.  50,0 
   Oordeelsvorming: ik vraag mij af of het de inspectie gaat om de praktijk of om het papier/de papieren werkelijkheid.  50,0 
   Consistentie: de wijze van beoordeling van de kwaliteitszorg door de inspectie is inconsistent over meerdere jaren.  50,0 
   Anders, namelijk...  50,0 
   Formulering: de SKA-standaarden zijn te abstract beschreven voor een concrete vertaling naar de schoolpraktijk.  0,0 
   Samenhang standaarden: het is onduidelijk hoe de SKA-standaarden zich van elkaar onderscheiden en/of hoe ze onderling samenhangen.  0,0 
   Samenhang standaarden: het is onduidelijk hoe de SKA-standaarden samenhangen met de BKA-standaardenVoor de beoordeling van besturen op het kwaliteitsgebied Besturing, kwaliteitszorg en ambitie (BKA).  0,0 
   Omvang: de SKA-standaarden bevatten zoveel verschillende elementen dat de kern ervan niet meer duidelijk is.  0,0 
   Totaal  100,0 
 Vmbo 
   Oordeelsvorming: ik vraag mij af of het de inspectie gaat om de praktijk of om het papier/de papieren werkelijkheid.  66,7 
   Formulering: de SKA-standaarden zijn te abstract beschreven voor een concrete vertaling naar de schoolpraktijk.  50,0 
   Oordeelsvorming: uit de SKA-standaarden blijkt niet wat de inspectie minimaal verwacht van scholen.  50,0 
   Anders, namelijk...  50,0 
   Consistentie: de wijze van beoordeling van de kwaliteitszorg door de inspectie is inconsistent over meerdere jaren.  33,3 
   Samenhang standaarden: het is onduidelijk hoe de SKA-standaarden zich van elkaar onderscheiden en/of hoe ze onderling samenhangen.  16,7 
   Omvang: de SKA-standaarden bevatten zoveel verschillende elementen dat de kern ervan niet meer duidelijk is.  16,7 
   Samenhang standaarden: het is onduidelijk hoe de SKA-standaarden samenhangen met de BKA-standaardenVoor de beoordeling van besturen op het kwaliteitsgebied Besturing, kwaliteitszorg en ambitie (BKA).  0,0 
   Totaal  100,0 
 Havo/vwo 
   Oordeelsvorming: ik vraag mij af of het de inspectie gaat om de praktijk of om het papier/de papieren werkelijkheid.  66,7 
   Formulering: de SKA-standaarden zijn te abstract beschreven voor een concrete vertaling naar de schoolpraktijk.  33,3 
   Omvang: de SKA-standaarden bevatten zoveel verschillende elementen dat de kern ervan niet meer duidelijk is.  33,3 
   Anders, namelijk...  33,3 
   Samenhang standaarden: het is onduidelijk hoe de SKA-standaarden zich van elkaar onderscheiden en/of hoe ze onderling samenhangen.  0,0 
   Samenhang standaarden: het is onduidelijk hoe de SKA-standaarden samenhangen met de BKA-standaardenVoor de beoordeling van besturen op het kwaliteitsgebied Besturing, kwaliteitszorg en ambitie (BKA).  0,0 
   Oordeelsvorming: uit de SKA-standaarden blijkt niet wat de inspectie minimaal verwacht van scholen.  0,0 
   Consistentie: de wijze van beoordeling van de kwaliteitszorg door de inspectie is inconsistent over meerdere jaren.  0,0 
   Totaal  100,0 
 So 
   Oordeelsvorming: ik vraag mij af of het de inspectie gaat om de praktijk of om het papier/de papieren werkelijkheid.  100,0 
   Formulering: de SKA-standaarden zijn te abstract beschreven voor een concrete vertaling naar de schoolpraktijk.  50,0 
   Omvang: de SKA-standaarden bevatten zoveel verschillende elementen dat de kern ervan niet meer duidelijk is.  50,0 
   Oordeelsvorming: uit de SKA-standaarden blijkt niet wat de inspectie minimaal verwacht van scholen.  50,0 
   Consistentie: de wijze van beoordeling van de kwaliteitszorg door de inspectie is inconsistent over meerdere jaren.  50,0 
   Samenhang standaarden: het is onduidelijk hoe de SKA-standaarden zich van elkaar onderscheiden en/of hoe ze onderling samenhangen.  0,0 
   Samenhang standaarden: het is onduidelijk hoe de SKA-standaarden samenhangen met de BKA-standaardenVoor de beoordeling van besturen op het kwaliteitsgebied Besturing, kwaliteitszorg en ambitie (BKA).  0,0 
   Anders, namelijk...  0,0 
   Totaal  100,0 

Referenties

Inspectie van het Onderwijs (2026a). Technisch rapport steekproef kwaliteitsonderzoeken in het funderend onderwijs 2023-2024 en 2024-2025. Utrecht: Inspectie van het onderwijs.

Inspectie van het Onderwijs (2026b). Technisch rapport steekproef kwaliteitsonderzoeken in het middelbaar beroeponderwijs 2024 en 2025. Utrecht: Inspectie van het onderwijs.

Inspectie van het Onderwijs (2026c). Technisch rapport passend onderwijs. De Staat van het Onderwijs 2026. Utrecht: Inspectie van het onderwijs.